Archive for the ‘Poëzie’ Category

Jan 13 29

… from Ghent to Aix

door "Peter Van Acker"

Sprakeloos. Ik ben sprakeloos. Mijn gesprekspartner in de Finse ambassade, een dame uit Engeland, vertrouwt me toe, zodra ze verneemt dat Gent mijn thuisstad is, dat ze vroeger op de schoolbanken het gedicht “How they Brought the Good News from Ghent to Aix” heeft geleerd. Ik heb nog nooit van dit gedicht gehoord. Als ze mijn verbijstering merkt, voegt ze er aan toe dat zowat elke leerling in het Engels onderwijs vroeg of laat met dit gedicht wordt geconfronteerd. Nou breekt mijn klomp. Mijn geliefde stad, die in een vreemd land, deel uitmaakt van het schools vermaak, zonder dat ik daar ook maar het geringste vermoeden van heb.

“How they Brought the Good News from Ghent to Aix” is ook een bijzonder gedicht omdat het nooit helemaal duidelijk is geworden wat het goede nieuws precies is en waarom het van Gent naar Aken moet worden gebracht, en nog wel door drie ruiters in volle gallop. Sommige bronnen op het internet speculeren dat het een verwijzing is naar de pacificatie van Gent van 1567, andere denken dat het gerelateerd is aan de vrede van Gent die in 1814 tussen de Engelsen en de Amerikanen werd getekend. De auteur zelf (Robert Browning)  heeft altijd ontkend dat het naar een specifieke historische gebeurtenis verwijst.  Hoe het ook zij, “How they Brought the Good News from Ghent to Aix” is een opmerkelijk gedicht!

Heb jij ook al eens van die wetenswaardigheden vernomen over een plaats die je nauw aan het hart ligt en waarvan je dacht dat je daar relatief veel over wist?

Klik op onderstaande link om het gedicht te ontvouwen (of om weer weg te bergen).

by Robert Browning

I sprang to the stirrup, and Joris, and he;
I galloped, Dirck galloped, we galloped all three;
‘Good speed!’ cried the watch, as the gate-bolts undrew;
‘Speed!’ echoed the wall to us galloping through;
Behind shut the postern, the lights sank to rest,
And into the midnight we galloped abreast.
Not a word to each other; we kept the great pace
Neck by neck, stride by stride, never changing our place;
I turned in my saddle and made its girths tight,
Then shortened each stirrup, and set the pique right,
Rebuckled the cheek-strap, chained slacker the bit,
Nor galloped less steadily Roland a whit.

’Twas moonset at starting; but while we drew near
Lokeren, the cocks crew and twilight dawned clear;
At Boom, a great yellow star came out to see;
At Düffeld, ’twas morning as plain as could be;
And from Mecheln church-steeple we heard the half-chime,
So Joris broke silence with ‘Yet there is time!’

At Aerschot, up leaped of a sudden the sun,
And against him the cattle stood black every one,
To stare through the mist at us galloping past,
And I saw my stout galloper Roland at last,
With resolute shoulders, each butting away
The haze, as some bluff river headland its spray.

And his low head and crest, just one sharp ear bent back
For my voice, and the other pricked out on his track;
And one eye’s black intelligence,—ever that glance
O’er its white edge at me, his own master, askance!
And the thick heavy spume-flakes which aye and anon
His fierce lips shook upwards in galloping on.

By Hasselt, Dirck groaned; and cried Joris, ‘Stay spur!
Your Roos galloped bravely, the fault’s not in her,
We’ll remember at Aix’—for one heard the quick wheeze
Of her chest, saw the stretched neck and staggering knees,
And sunk tail, and horrible heave of the flank,
As down on her haunches she shuddered and sank.

So we were left galloping, Joris and I,
Past Looz and past Tongres, no cloud in the sky;
The broad sun above laughed a pitiless laugh,
’Neath our feet broke the brittle bright stubble like chaff;
Till over by Dalhem a dome-spire sprang white,
And ‘Gallop,’ gasped Joris, ‘for Aix is in sight!’

‘How they’ll greet us!’—and all in a moment his roan
Rolled neck and croup over, lay dead as a stone;
And there was my Roland to bear the whole weight
Of the news which alone could save Aix from her fate,
With his nostrils like pits full of blood to the brim,
And with circles of red for his eye-sockets’ rim.

Then I cast loose my buffcoat, each holster let fall,
Shook off both my jack-boots, let go belt and all,
Stood up in the stirrup, leaned, patted his ear,
Called my Roland his pet-name, my horse without peer;
Clapped my hands, laughed and sang, any noise, bad or good,
Till at length into Aix Roland galloped and stood.

And all I remember is, friends flocking round
As I sat with his head ’twixt my knees on the ground;
And no voice but was praising this Roland of mine,
As I poured down his throat our last measure of wine,
Which (the burgesses voted by common consent)
Was no more than his due who brought good news from Ghent.



1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars (No Ratings Yet)
Loading ... Loading ...

Jan 12 28

Dichten zonder u …

door "Peter Van Acker"

De 2011 prijs van de Turing Nationale Gedichtenwedstrijd is pas uitgereikt aan de Belg David Troch, die momenteel ambassadeur is van de poëzie van de stad Gent. Aan de hoofdprijs is een geldsom verbonden van 10.000 Euro. Geïnspireerd op het winnende gedicht, heb ik alvast mijn bijdrage voor 2012 klaar. Mijn kassa zal rinkelen.

Wij waren geen mietjes

wij waren de zonen van onze vaders
en zouden net als zij met mes en vork eten
wij moesten tonen hoe hard onze hersenen konden knetteren
over nodeloze grammatica en eindeloos herhaalde
rekensommen, wij zouden beter worden dan onze voorvaderen
die zich kromgebogen het graf hadden ingewerkt
en kregen de inktvlekken van onze Parkers nauwelijks
van onze vingers, wij hadden eigen kamers waarin we
met opgetrokken knieën over onze boeken waren gebogen
verboden om te dromen van een andere wereld
wij ondervonden aan den lijve dat vergeeld papier
je neus harder kan prikken dan het zweet van wat arbeid

Peter

P.S. : “Poetry hacking” is makkelijker dan je denkt. Zet je hersenspinsels in de commentaar!



1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars (No Ratings Yet)
Loading ... Loading ...

Feb 10 06

Wintermélopée

door "Peter Van Acker"

Over de sneeuw schuift de korte slee
Over de korte slee dwarrelt eindeloos de sneeuw
Onder de sneeuw op de korte slee schuift de man gedwee
Langs de huizen langs de straten vol met witte daken
Schuift de sneeuw in trage plakken naast de man en zijn slee
Zo zijn ze gezellen de man en zijn slee, met zijn twee
Ebben ze weg achter een gordijn van sneeuw

Peter

Entrance 6221 Swords Way Etienne Drumaldry



1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars (No Ratings Yet)
Loading ... Loading ...

Nov 09 24

Hai-koekoe

door "Peter Van Acker"

Pas op met haiku’s
omdat wie daarin pleziert
dra de EU bestiert

Heeft u ook zo’n ongelooflijke hoeveelheid haiku’s in uw binnenzak zitten?  Ik lees ze graag als reactie op deze post. Ik ben trouwens nog altijd op zoek naar een aantal haiku’s rond het thema oorlog voor plaatsing op de achterzijde van de foto’s in de galerij “Waterloo”.

Peter



1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars (No Ratings Yet)
Loading ... Loading ...

Jun 09 10

Washington DC

door "Peter Van Acker"

Zo gaat het, zo ging het en zo zal het altijd gaan.
Wederom inpakken op een zonnige dag.
Aan de rand van afscheid nemen staan.
Gekleefd tussen duim en wijsvinger, de kwijtgeraakte stift,
het slordig geschreven bestemmingsadres.
Pakken te zwaar, dozen te vol, Washington nog ver.
Verhuizen als een veelvoud van opgeborgen ervaringen.

Onbeholpen woorden als “we stay in touch”
maar ook zoveel zin om, dronken van vermoeden
en nieuwsgierigheid, te schrijven
dat van de stad waar je nu weer naar toe gaat,
een plattegrond bestaat, die je reeds intens
en vol verwachting, aan het doorlopen bent.

Peter



1 Star2 Stars3 Stars4 Stars5 Stars (No Ratings Yet)
Loading ... Loading ...
Page: 1 2 3 Next